Binnen de bebouwde omgeving ligt ruimte voor maar liefst 1.800 hectare nieuwe slootnatuur. Daarmee vangen we wateroverlast op, verminderen we hittestress en geven we biodiversiteit een stevige impuls. Die conclusie trekken we uit ons onderzoek Ruimte voor de Sloot, dat we momenteel afronden.
Ruimte voor wonen én water
We kijken daarbij integraal naar de stad. Water en wijkvernieuwing horen bij elkaar. Waar op het platteland waterbergingsruimte verdwijnt doordat sloten worden gedempt, ligt in bestaande wijken juist een kans om water weer een plek te geven en slimmer met het systeem om te gaan. Van dijken naar wijken.
De uitkomsten zijn concreet. In naoorlogse wijken (1945–1980) ligt ruimte voor circa 800.000 extra woningen, onder andere door bijbouwen, herstructureren, splitsen en optoppen. Als we die opgave goed uitvoeren, ontstaat tegelijk ruimte voor ongeveer 1.800 hectare extra slootnatuur. Dat levert waterberging, verkoeling en biodiversiteit op. Verharding maakt daarbij plaats voor groen en water.


Praktijkvoorbeeld MUWI1 in Vlaardingen
In de Vlaardingse wijk MUWI1 passen we deze principes al toe. Ondanks verdichting neemt de hoeveelheid verharding af en ontstaat ruimte voor nieuwe slootnatuur. Water wordt lokaal opgevangen, waardoor aanpassing van het riool niet nodig is.
Uit onze analyses blijkt dat per 100 nieuwe woningen gemiddeld 4.000 m² extra slootnatuur mogelijk is. Opgeteld leidt dat tot circa 1.800 hectare extra in de bestaande stad.
Ruimte maken door anders te organiseren
In MUWI1 verschuift parkeren naar de achterkant van de woningen. De brede straten maken plaats voor groene zones waar water infiltreert en wordt afgevoerd naar sloten. Die sloten functioneren niet langer als afvoer, maar als natte biotopen met ruimte voor water en biodiversiteit. Vogels, salamanders en egels keren terug.
De stadssloot krijgt een ander profiel: breder, flauwer en verbonden met het landschap. Zo ontstaat ruimte voor waterberging én leefgebieden voor flora en fauna.Reimar von Meding
Algemeen directeur KAW
Investeren aan de voorkant voorkomt kosten achteraf
We investeren nu miljarden in technische oplossingen om water te beheersen, zoals rivierverruiming en het vergroten van riolen. Een deel van die middelen krijgt meer effect wanneer we het inzetten in de wijk zelf. Door water en groen te integreren in stedelijke vernieuwing ontstaan oplossingen die tegelijk bijdragen aan wonen, klimaat en gezondheid.
Biobased als hefboom voor water en landbouw
De energietransitie versterkt deze beweging. Biobased materialen slaan CO₂ op en passen binnen klimaatdoelstellingen. Tegelijk versterken ze de landbouwtransitie. Veel biobased gewassen groeien goed op natte gronden. Daardoor blijft de grondwaterstand hoger en neemt het bufferend vermogen van het watersysteem toe.
Nieuwe stadsnatuur als drager van de wijk
De stadssloot krijgt een ander profiel: breder, flauwer en verbonden met het landschap. Zo ontstaat ruimte voor waterberging én leefgebieden voor flora en fauna. Wadi’s, bomen, paden en verblijfsplekken maken deze zones onderdeel van het dagelijks gebruik.
Door deze structuren te verbinden ontstaan grotere, aaneengesloten groene stadszones. Ruimte om te wandelen en te fietsen, met minder auto’s en meer natuur als vanzelfsprekend onderdeel van de wijk.